Door: ADXpert
In gesprek met arbeidsdeskundige Cees Willem Dam
Wanneer een medewerker langere tijd ziek is, komt er vaak een moment waarop HR zich afvraagt: wat kan iemand nog wél? En hoe nu verder met het werk?
Dan komt meestal de arbeidsdeskundige in beeld. Toch is niet altijd duidelijk wat een arbeidsdeskundige precies doet en wat HR concreet met zo’n onderzoek kan.
Voor medewerkers kan zo’n onderzoek spannend zijn. Het advies van een arbeidsdeskundige kan immers invloed hebben op hun werk, hun rol in de organisatie en soms ook op hun inkomen.
In het essay Arbeidsdeskundige, een machtig interessant beroep beschrijft prof. dr. Manon Ruijters dat arbeidsdeskundigen een positie hebben waarin hun oordeel veel gewicht heeft. Dat maakt het vak interessant, maar ook verantwoordelijk.
“Veel mensen denken dat ik kom bepalen wat iemand nog mag doen,” zegt hij. “Maar mijn rol is juist om samen te onderzoeken wat er nog wél mogelijk is.”
Arbeidsdeskundige Cees Willem Dam ziet dat spanningsveld regelmatig terug in zijn werk.
In dit interview deelt hij zijn inzichten. Je ontdekt:
- wat een arbeidsdeskundige precies onderzoekt
- wanneer zo’n onderzoek wordt ingezet
- hoe dit HR helpt om een re-integratietraject weer in beweging te krijgen
Zo krijg je als HR-professional beter inzicht in de rol van de arbeidsdeskundige en hoe dit onderzoek helpt om duidelijke stappen te zetten in een re-integratietraject.
Wat is voor jou de kern van het vak arbeidsdeskundige?
Cees Willem: “Voor mij draait het vak om het snijvlak van mens, werk en inkomen. Dat klinkt misschien abstract, maar in de praktijk betekent het dat het uiteindelijk draait om een simpele vraag: wat kan iemand nog wél?”
Wat doet een arbeidsdeskundige?
Een arbeidsdeskundige onderzoekt of een medewerker na ziekte kan terugkeren in zijn eigen werk of ander passend werk. Hij adviseert HR over re-integratie en werkhervatting.
Volgens Cees Willem gaat werk over meer dan taken en functies. “Werk is niet alleen inkomen. Het gaat ook over trots en betekenis. Als iemand uitvalt, raakt dat vaak meer dan alleen het werk.”
Dat idee komt ook terug in het essay van Ruijters. Zij beschrijft hoe werk nauw verbonden is met iemands identiteit.
Cees Willem herkent dat uit de praktijk. “Je hoort mensen zeggen: ‘Ik bén verpleegkundige’ of ‘Ik bén monteur’. Als iemand dat werk ineens niet meer kan doen, voelt dat alsof een deel van jezelf wegvalt.”
Volgens hem zie je bij ziekte of uitval vaak dat mensen even niet meer weten wie ze zijn in hun werk. “Je hoort dan zinnen als: ‘Ik ben geen verpleegkundige meer’ of ‘Ik kan mijn werk niet meer.’”
Hoe ga je als arbeidsdeskundige met dat verlies van werk en identiteit om?
In gesprekken probeert hij daarom niet alleen naar beperkingen te kijken. “Ik stel vaak vragen zoals: wat vind je belangrijk in je werk? Waar haal je energie uit? En wat zou je nog wél willen blijven doen?”
Volgens hem helpt dat om het gesprek anders te voeren. Organisaties zouden dat ook kunnen doen. “Als iemand ziek wordt, gaat het niet alleen over klachten of beperkingen. Het gaat ook over de vraag: wie ben ik nu nog in mijn werk?”
“Als je kijkt naar mogelijkheden, ontstaat er vaak weer beweging. Door die vragen voelt iemand zich vaak weer gezien als professional. Je praat weer over vakmanschap en ervaring, niet alleen over klachten.”
Wanneer krijgt HR te maken met een arbeidsdeskundige?
Een arbeidsdeskundige wordt betrokken wanneer het onduidelijk is of iemand nog kan terugkeren in zijn eigen functie. Bijvoorbeeld wanneer een medewerker al langere tijd ziek is of wanneer er twijfel bestaat over passende arbeid.
Cees Willem: “HR wil dan weten: kan iemand terug naar zijn eigen werk, eventueel met aanpassingen? Of moeten we kijken naar ander werk binnen of buiten de organisatie?”
Volgens Cees Willem helpt een arbeidsdeskundig onderzoek om daar duidelijkheid in te krijgen. “Zo'n onderzoek brengt de mogelijkheden en beperkingen van werk in kaart. Op basis daarvan geven we een advies voor het vervolg van het re-integratietraject.”
Op de website van de Nederlandse vereniging voor Arbeidsdeskundigen (NVvA) lees je wat een arbeidsdeskundige zoals Cees Willem nog meer voor je organisatie kan betekenen.
Hoe verloopt een arbeidsdeskundig onderzoek in de praktijk?
Een onderzoek begint meestal met gesprekken. Dit soort onderzoeken worden vaak ingezet binnen het re-integratieproces zoals beschreven in de Wet verbetering poortwachter waarin de verplichtingen voor werkgever en werknemer bij ziekte zijn vastgelegd.
Cees Willem: “Je spreekt met de medewerker, met HR en vaak ook met de leidinggevende. Daarnaast kijk ik naar de inhoud van het werk. Ik zoek antwoord op vragen als:
-
Wat vraagt de functie?
- Welke taken horen erbij?
- Welke belasting brengt dat met zich mee?
Door die informatie naast elkaar te leggen ontstaat een beeld van wat nog mogelijk is. “Daarmee kun je beoordelen of het eigen werk nog passend is of dat er andere oplossingen nodig zijn.”
Hoe ga je om met de invloed die je als arbeidsdeskundige hebt?
Een arbeidsdeskundige heeft invloed op belangrijke beslissingen over werk en inkomen. Dat kan voor medewerkers spannend zijn.
“Dat merk je in gesprekken,” zegt Cees Willem. “Sommige mensen denken dat ik ga bepalen wat ze nog mogen doen.” Hij probeert daarom vanaf het begin duidelijk te zijn over zijn rol.
“Ik leg uit wat ik onderzoek en hoe ik tot een advies kom. Mijn rol is niet om te bepalen wat iemand moet doen, maar om te helpen inzicht te krijgen in de mogelijkheden.”
In het essay van Ruijters wordt ook beschreven dat arbeidsdeskundigen invloed hebben en dat dat verantwoordelijkheid geeft.
Cees Willem: “Daar moet je je bewust van zijn. Door goed uit te leggen wat je doet en ruimte te geven in het gesprek.”
Wat betekent professionele identiteit in jouw werk?
In het essay van Ruijters wordt ook gesproken over beroepsidentiteit en professionele identiteit. Daarmee wordt het verschil bedoeld tussen wat je bent en hoe je je vak uitoefent. Je kunt bijvoorbeeld zeggen: ‘Ik ben HR-manager'. Dat is je beroepsidentiteit.
Professionele identiteit gaat volgens Ruijters over je eigen kleur als professional. Voor Cees Willem betekent dat dat hij altijd probeert menselijk te blijven in zijn werk. “Regels en procedures zijn belangrijk, maar het echte verschil zit in het gesprek. Door te luisteren en te begrijpen wat iemand nodig heeft, kun je iemand weer perspectief geven.”
Volgens hem is dat ook de kracht van het vak. “Uiteindelijk gaat het er niet alleen om wat er in een rapport staat, maar of iemand weer vooruit kan kijken.”
Wat geeft jou houvast in moeilijke situaties?
Geen enkel re-integratietraject is hetzelfde. Soms zijn situaties ingewikkeld en is er geen eenvoudige oplossing.
In zulke gevallen denkt Cees Willem vaak terug aan ervaringen uit zijn werk. Hij vertelt over een man die na een herseninfarct zijn oude baan niet meer kon uitvoeren.
Voorbeeld
Door een herseninfarct kon een man zijn taken niet meer uitvoeren. Maar hij was nog steeds leraar in hart en nieren. Samen met Cees Willem vond hij vrijwilligerswerk op een school. Later is dat uitgegroeid tot een betaalde baan. Hij straalde weer.
Voor Cees Willem zijn dat de momenten die laten zien waar het vak om draait. “Dan zie je dat werk niet alleen inkomen is, maar ook betekenis.”
De arbeidsdeskundige als gids in een ingewikkeld proces
Een arbeidsdeskundige kijkt dus niet alleen naar functies en regels, maar vooral naar mensen en mogelijkheden. Juist wanneer werk en identiteit onder druk staan, helpt een arbeidsdeskundig onderzoek om helder te krijgen wat nog kan en welke stappen realistisch zijn.
Voor HR-managers kan dat veel onzekerheid wegnemen in een vastgelopen re-integratietraject. Door goed te luisteren, zorgvuldig te onderzoeken en duidelijk advies te geven helpen arbeidsdeskundigen om re-integratie weer in beweging te krijgen.
Loop je als HR-manager tegen de vraag wat nog mogelijk is voor een medewerker? Neem dan nu contact met ons op voor een verkennend gesprek. Zodat je beter onderbouwde keuzes kunt maken in het re-integratietraject.